Pak woningnood aan door slimme transformatie bedrijventerreinen.

Mark Marshall is raadslid voor de VVD in Gooise Meren

Het zal niemand meer ontgaan: de woningnood is enorm en neemt nog altijd toe. We horen schrijnende verhalen van oudere jongeren die noodgedwongen weer bij hun ouders intrekken. Er zouden maar liefst een miljoen extra woningen nodig zijn en dat in het meest dichtbevolkte land van Europa.

Een miljoen woningen erbij is zeer ambitieus, want er zijn allerlei obstakels. Er is vaak vertragend verzet van omwonenden bij nieuwe bouwplannen in de buurt en we hebben ook nog altijd te maken met de stikstofcrisis, PFAS en gewoonweg een gebrek aan bouwplannen én voldoende vaklui om plannen te realiseren. Dan is er ook nog de energietransitie die ruimte vraagt voor zonneparken, windmolens en meer groen. En dit alles in onze dichtbevolkte stadsstaat waar belangen strijden om iedere hectare.

Bij de miljoen extra woningen wordt routinematig vooral gedacht aan eengezinswoningen. Tot in ieder geval 2024 is die gedachte niet verkeerd. Op de langere termijn duikt een ander beeld op. Veel ouderen zullen eengezinswoningen gaan verlaten, terwijl het aantal gezinnen minder sterk groeit. Het aantal alleenstaanden neemt toe, en juist zíj dreigen dan buiten de boot te vallen. We moeten iets langer stilstaan bij de vraag voor wie wij moeten bouwen.

Er zal een groeiende behoefte zijn aan kleinere woningen en bij voorkeur bevinden die zich binnenstedelijk en niet per se in buitengebieden. En precies daar zijn er mogelijkheden. Veel gemeenten hebben kleinere en grotere, binnenstedelijke bedrijventerreinen die zijn aangelegd in de jaren ‘60 en ‘70. Deze voldoen vaak niet meer aan de hedendaagse eisen en veroorzaken door groei of het soort bedrijvigheid inmiddels voor overlast in woonwijken. Met een transformatie van die bedrijventerreinen naar woon-werk locaties en gelijktijdige uitplaatsing van bepaalde categorieën bedrijven snijdt het mes aan twee kanten: binnenstedelijke ruimte voor eenpersoonshuishoudens en beperking van woon-werk bewegingen.

Het vergt inzicht en gemeentelijke regie om een dergelijke transformatie te bewerkstelligen. Binnenstedelijk leidt dit tot een afname van werklocaties ten bate van woningen, waar tegelijkertijd door bestaande of nieuwe ondernemers gezocht wordt naar specifiek déze werklocaties, bijvoorbeeld in de dienstensector. Door te combineren kan de groei en samenvoeging economisch hand in hand gaan. Maar de combinatie van een bepaalde milieucategorie die belemmerend werkt voor woningbouw, en tegelijkertijd de afname van werklocaties door woningbouw, maakt het lastig voor gemeenten deze stap te zetten.

Gemeenten zouden daarom beter in kaart moeten brengen welke binnenstedelijke mogelijkheden zich hiervoor lenen. Woonfuncties winnen het in deze tijd vaak van de ontwikkeling van werklocaties. De keerzijde van minder werklocaties is verminderde werkgelegenheid en economische aantrekkingskracht. Gemeenten hebben de mogelijkheid om te werken met anterieure overeenkomsten waarin de combinatie van woon-werklocaties kan worden vastgelegd.

Gemeenten, maar ook raden zouden meer lef kunnen tonen bij een gerichte aanpak op woon- werklocaties. Zo wordt de ruimte beter benut en ontstaat er minder druk om gevoelige locaties te gaan ontwikkelen. Met de juiste kaders en afspraken kunnen zorgen worden weggenomen. Het is een kwestie van wennen en doen.

Van de voorzitter

Gaarne hoop ik dat we allen een goed en gezond reces hebben gehad, waarin we goed bijgetankt hebben. En tevens hoop ik vurig dat we nu in de staart van de coronapandemie zitten. We merken al dat vele (kleinere) evenementen, feesten, sport en cultuur een heropleving beleven. En dat we daar met zijn allen extra van genieten.

Onze ALV in Purmerend paste ook in die lijn: netwerken en informeren in levende lijve! Dank aan alle deelnemers. Hoofdonderwerp was Burgerparticipatie, waarbij we geprikkeld werden door een zeer confronterende casus, waarbij werd aangetoond hoe tevreden inwoners heel snel kunnen verworden tot burgers die geen vertrouwen meer in de overheid hebben. Doordat ze niet meer door onze systemen heen kunnen komen. Een enorme opgave voor de toekomst.

We hebben tevens in de ALV besloten om tenminste 2 fysieke bijeenkomsten per jaar te organiseren en daarnaast  online bijeenkomsten. We gaan op 1 december een online-seminar over coalitievorming organiseren. Het programma voor 2022, jaar van raads- en collegewisseling, is ook al in voorbereiding.

Graag nodig ik u uit actief mee te doen in ons seminar-aanbod. We hopen voor ieder wat wils aan te bieden.

Uitgerust aan de slag!

Han ter Heegde is burgemeester van Gooise Meren en voorzitter van de VNHG

Heeft u allen een goed reces gehad? Even geen Zoom- en Teamvergaderingen? Genoten van de toegenomen mogelijkheden? Er kan al weer heel wat. En het voelt heel goed, is althans mijn ervaring. Hopelijk wordt dit jaar een weer wat normalere periode, zeker ook voor de zorg en het onderwijs. Gelukkig dat de economie in de meeste sectoren snel en goed herstelt. En dat vooral de werkloosheid beperkt is. Iedere werkloze is er 1 teveel, want werk is zingeving en een oplossing voor problemen. Daar moeten we aan blijven werken. Zeker ook om de vacatures in de techniek,  ICT en zorg goed te vervullen.

Op 3 september is onze ALV te gast in Purmerend, in theater De Purmaryn, dus fysiek en met persoonlijke ontmoeting. Daarvoor is het theater geschikt, met  inachtneming van de geldende gedragsregels. Het is goed weer elkaar te zien en te spreken in de wandelgangen. Want daar en op die wijze doen wij veel van ons werk. Dat genereert ook wel kritiek: de afstand van het bestuur tot de burgers, achterkamertjes, onvoldoende participatie, enz.  Steeds meer worden we (met name in sociale media)  met dergelijke aantijgingen geconfronteerd. Een mooi onderwerp als thema voor onze ALV dus, onder leiding van Marije van den Berg.  Ook in de aanloop naar de gemeenteraadsverkiezingen in maart 2022.

Daarnaast zullen onze CdK, VNG-directie en -bestuurders hun visie op stand van voor gemeenten belangrijke dossiers geven.  En zullen we de jaarstukken bespreken en vaststellen.

Een gevarieerd programma, op 1 ochtend, afsluitend met een walking lunch. Ik hoop u allen te ontmoeten in De Purmaryn op 3 september!

Beelden van het verleden

Jos Wienen is burgemeester van Haarlem en lid van de VNG-commissie Bestuur en Veiligheid

Recent heeft de burgemeester van Amsterdam namens het stadsbestuur excuses aangeboden voor het slavernijverleden van Amsterdam. De extra aandacht voor slavernijverleden en voor racisme in onze huidige samenleving en het eventuele verband daartussen is in meerdere gemeenten een punt van aandacht en onderzoek geworden. En dit staat niet op zichzelf. Er is ook her en der onderzoek naar de rol van gemeenten bij de Jodenvervolging in de Tweede Wereldoorlog. Daarnaast is er soms discussie over historische personen die nu anders bekeken worden dan vroeger. Jan Pietserszoon Coen is daar een voorbeeld van. We kunnen er politiek aardig druk mee zijn.

Aandacht voor het verleden is wat mij betreft een groot goed. Het raakt een natuurlijke nieuwsgierigheid naar hoe het vroeger was en hoe het heden geworden is. En het werkt ook door in onze eigen tijd, in onze samenleving en in onze emoties. Helden willen we eren en schurken liever weren.

Maar laten we wel een beetje uitkijken. Want de held van gisteren, kan zomaar de schurk van morgen zijn. Een beetje terughoudendheid met onze eerbewijzen is goed. Dat geld ook voor een snelle demontage ervan. Er zijn maar weinig mensen uit het verleden die in het licht van al onze hedendaagse opvattingen deugen, nog los van het feit dat de meningen vandaag ook flink uiteen kunnen lopen. En in de ogen van volgende generaties zullen niet veel mensen uit onze tijd onberispelijk zijn.

Het lijkt me een betere weg onze huidige maatschappelijke opvattingen ook hun plek te geven. Dat zie je ook gebeuren: straatnamen voor vrouwen of  bijvoorbeeld een standbeeld voor Anton de Kom zijn voorbeelden van een verandering in de historische beeldvorming.

En excuses voor het verleden? Wat heeft dat voor zin? Als het recht doet aan de historische werkelijkheid en er echt sprake is van spijt en berouw en recht gedaan wordt aan gevoelens van mensen van nu kan het een functie hebben. Niet om erin te blijven hangen, maar om samen verder te gaan. Slavernij is al een flinke tijd geleden. De morele verwerpelijkheid van een instituut dat mensen tot eigendom maakt en van fundamentele rechten berooft is duidelijk. Dat geldt voor alle tijden en vormen van slavernij. Of er een direct verband is met hedendaags racisme vraag ik me af. Maar zeker verplicht dit morele oordeel ons tot inzet tegen mensenhandel en uitbuiting in onze eigen tijd en onze eigen gemeente.

De “problemen” in de jeugdzorg

Joey Leeuwinga is commissielid in Stede Broec

Het is een maandelijks onderwerp dat terugkomt in de raad en commissies van de Nederlandse gemeenten; de jeugdzorg. Helaas gaat het dan vaak niet over de wijze waarop de zorg geleverd wordt, maar over de kosten die de pan uitrijzen. Het is jammer dat het hier telkens overgaat en niet over de jeugdigen zelf. En belangrijker nog, hoe de zorg voor hen nog beter en efficiënter kan worden geregeld. Het grootste probleem bij gemeenten zijn op dit moment de structurele tekorten. Deze worden voornamelijk veroorzaakt door de decentralisaties en de minder middelen die voor deze nieuwe taken beschikbaar zijn gesteld door het Rijk via de algemene uitkering.

In veel commissievergaderingen gaat het over het oplossen van het ‘financieel probleem van de jeugdzorg’. Dit is iets dat moet worden opgelost, maar raden en colleges moeten niet blindstaren naar Den Haag. Veelal kan de gemeente zelf al veel doen om de kosten te beperken. Denk aan goed contact met huisartsen (zij verwijzen cliënten vaak door) en slimme contracten met zorgaanbieders.

We moeten als gemeenten ook duidelijke kaders stellen. Wat wil je aanbieden? Preventie is in veel gevallen goed om je daarop te richten, maar in veel gevallen streeft het zijn doel ook voorbij. Zolang je geen duidelijke kaders stelt kan je de kosten ook niet beheersen. Verder is het ook belangrijk om aan je inwoners duidelijk te maken dat de gemeente ook kan ondersteunen. Dit zorgt ervoor dat zij niet direct naar de huisarts gaan, maar wellicht met een praktische oplossing (vaak goedkoper) via de gemeente ook geholpen zijn.

Naast het stellen van kaders moeten de gemeenten zich ook afvragen in hoeverre zij bepaalde voorzieningen willen aanbieden. Er zal altijd een bepaald bedrag vanuit Den Haag beschikbaar worden gesteld, maar het is uiteindelijk aan de gemeenteraden zelf om te bepalen hoe zij dit willen besteden. Bepaalde zorgtaken aanbieden kan al snel ‘boven je pet zijn’ als gemeente.

Laten we hopen dat er snel een structurele oplossing komt vanuit het Rijk, zodat gemeenten weer ambities kunnen waarmaken en het sociaal domein op een gestructureerde en evenwichtige manier kunnen inrichten, zodat ‘het zorgen’ weer centraal kan komen te staan.

Op de valreep van het reces

Han ter Heegde is voorzitter van de VNHG en burgemeester van Gooise Meren

 

foto Gooise Meren/Tom Loman

 

Nog even de tanden op elkaar en we hebben reces. Een broodnodig reces, na een zwaar jaar met zware corona-inspanningen en -uitdagingen en financiële problemen in vele gemeenten. Dat allemaal naast de reguliere projecten en sores. Maar daartoe zitten we nu eenmaal op deze posten, niet alleen bij mooi weer maar ook in moeilijke perioden. En in die perioden kunnen we  juist het verschil maken en goed werk doen voor onze inwoners. Wat dat betreft denk ik dat we het als gemeentebesturen in coronatijd heel redelijk hebben gedaan. En dat ook onze inwoners een grote pluim verdienen. Het aanpassings-  en incasseringvermogen blijkt groot. Dat geeft vertrouwen voor de toekomst.

Het is zaak om de komende tijd aandacht te blijven geven aan groepen die in het afgelopen jaar de hardste klappen hebben gekregen, zoals jongeren in het onderwijs, ondernemers en mensen die eenzamer zijn geworden. Maar ook hier zien we grote solidariteit, die we ook in de herstelfase vast moeten blijven houden. Bestuurders kunnen stimuleren en voorop lopen.

 

Gelukkig hebben we inmiddels incidenteel compensatie gekregen voor de niet-vergoede uitgaven voor Jeugdzorg. Via de VNG is het zaak om die bedragen in de toekomst structureel te maken. De eerste slag is echter binnen: knap werk van de VNG!

Nu de rest van onze terechte claims richting het nieuwe kabinet nog. Wij moeten daartoe permanente druk uitoefenen op onze partijgenoten in het Parlement, wetende dat onze claims niet altijd politiek sexy zijn. Uiteindelijk gaat het wel om het voorzieningenniveau van onze burgers!

 

Het samenstellen van de lijsten  voor de verkiezingen van maart 2022 komt eraan. Bij het aanwijzen van kandidaten en later het benoemen van collegeleden zijn de integriteitsvragen essentieel.  We staan qua integriteit bovenaan in de wereld, laten we dat zo houden. Dat vraagt permanente alertheid. We hebben inmiddels een breed instrumentarium dat ons hierbij kan helpen. Het aanzien van politiek en bestuur is in het geding.

Het zal een zwaar, maar enerverend, jaar worden met als politiek hoogtepunt de raadsverkiezingen.

Toto die tijd wens ik u namens het bestuur van de VNHG een heel goed reces toe, en dat u maar fris en uitgerust in september aan de slag mag kunnen.

Van de voorzitter

Han ter Heegde is burgemeester van Gooise Meren en voorzitter VNHG

Groot nieuws: de Arbitragecommissie inzake de rijksvergoeding aan gemeenten voor Jeugdzorg heeft zich duidelijk uitgelaten,  namelijk dat de bedragen die hiervoor door gemeenten worden gemaakt dienen te worden vergoed door het Rijk. De wettelijke bepaling dat Rijkstaken geheel vergoed moeten worden aan gemeenten dwingt hier namelijk toe.

Deze uitspraak is geen bindende. Wel een zwaarwegend advies, zoals de Staatssecretaris meldde. Wij moeten dus nu afwachten, in welke mate en wanneer de 1,7 mld euro in de richting van de gemeenten komt. Maar deze uitspraak is een cruciale.

Inmiddels hebben we als VNHG de afgelopen maand samen met de VNG 2 webinars georganiseerd. Eén over de financiële situatie ten behoeve van onze Kadernota’s en in het licht van de komende Herverdeling van het Gemeentefonds. En eén over zorgfraude. Beiden waren zeer goed bezocht, ook door raadsleden en ambtenaren.

In het najaar zullen we binnen de VNG en VNHG de discussie met elkaar aangaan over de herijking Gemeentefonds, zodra de nieuwe regering met voorstellen komt.

Bij zorgfraude viel op hoe groot het aantal aanbieders is dat verdacht is. En dat er vee meer bestuurlijk aandacht nodig is voor controle en handhaving. Zo is bijv. in mijn eigen regio zorgfraude niet opgenomen als speerpunt in de ondermijningsonderzoeken, terwijl hierin wel enorme bedragen om gaan.

Ondertussen kreunen en steunen veel gemeente bij het opstellen van de Kadernota’s. Wij hopen dat in de lijn van de inbreng van de VNG bij de formatie,  in het regeerakkoord substantiële en structurele bedragen voor gemeenten worden opgenomen. De noodzaak en onderbouwing hiervan is evident en voldoende onderbouwd. Het is ook zaak voor ons om in partijpolitiek verband de druk op de fracties in Den Haag op dit punt op dit cruciale moment te vergroten.

Goed te horen in de afgelopen week was dat onze 25 GGD’en zijn verkozen tot meest klantvriendelijke en innovatieve overheidsorganisatie 2021. Mijns inziens hebben zij die prijs met al hun medewerkers meer dan verdiend. Van harte gefeliciteerd! Nog een paar maanden doorprikken en we zijn van de meeste ellende af.

Graag wens ik u jullie veel sterkte en wijsheid in de komende pittige anderhalve maand tot aan het reces.

De regels en de rek

Erik Boog is burgemeester  van Diemen

Geen onderwerp is in bestuurlijk Nederland momenteel zoveel besproken als de wijze waarop we als overheid met onze burgers omgaan. De toeslagenaffaire legde genadeloos bloot dat de manier waarop we daar als overheid invulling aan geven, bepalend is voor het vertrouwen in de overheid. Als we de menselijke maat uit het oog verliezen, wordt de basis voor ons handelen aangetast.

Alle reden dus om ook als gemeenten die basis te waarborgen. Als we ons te ver loszingen van de werkelijkheid van onze inwoners, worden we eerder tegenpartij dan verlengstuk van die inwoners. Als we vergeten voor wie we aan het werk zijn, dan zien bewoners ons niet meer als hun bestuur, maar eerder als hindermacht. Dat geldt twee kanten op. Regels afkondigen waarop we niet handhaven zorgt voor afbrokkelend vertrouwen. Rigide toepassen van regels en richtlijnen doet dat evenzeer.

Het is, kortom, een kwestie van evenwicht. Bij ons in de gemeente Diemen hebben we dat enkele jaren terug vertaald in een Rekmanifest. De kern? Richt je niet op de regel, maar op de oplossing. Wees niet bang gebruik te maken van de rek in de regels. En benut hardheidsclausules en experimenteerruimte.

Met het opstellen van een manifest ben je er overigens niet. Toepassing ervan vraagt echt wel wat. Onze medewerkers moeten zich gesteund voelen door het bestuur om de rek in de regels op te zoeken. En ze moeten elkaar scherp houden, reflecteren en dilemma’s bespreken.  Ook een serieuze behandeling van klachten is essentieel. Die moet je intern op alle niveaus bespreken om ervan te leren. Is het fair een vergunningaanvraag terzijde te leggen, omdat ie niet helemaal compleet is? Mag je van een inwoner die slecht kan lezen en schrijven verwachten dat ie een uitgebreid formulier foutloos invult? Waarom zouden we die picknicktafel van buurtbewoners zelf eigenlijk niet toestaan in de openbare ruimte?

Leveren die interne inspanningen dan wat op? Jazeker. Medewerkers die zich echt verplaatsen in onze inwoners en uitgaan van de menselijke maat, hebben veel meer plezier in en waardering voor hun werk. Maar het allerbelangrijkste effect is toch dat onze inwoners merken dat we hen horen, hen serieus nemen en met ze meedenken. Het betekent niet dat we ze altijd gelijk geven of nergens op letten, maar we kijken vanuit hun optiek en kunnen onze beslissingen en aanpak ook goed en eerlijk uitleggen. Uiteindelijk zorgt dat voor vertrouwen.

Het Diemense rekmanifest is hier te vinden: https://www.binnenlandsbestuur.nl/Uploads/2017/12/Rekmanifest-pdf.pdf

Venijn in de staart

Han ter Heegde is burgemeester van Gooise Meren en voorzitter VNHG

Ook bij de pandemie lijkt het venijn behoorlijk in de staart te zitten. Juist bij het afschalen van de maatregelen ontstaat ongeduld, gevoel van ongelijke berechtiging, clash tussen medische en maatschappelijke behoeften, en loopt de irritatie op. En wij als bestuurders zitten daar tussen. Meer dan ooit vergt dat van ons stuurmanskunst. En trial and error.

Dat laatste is iets dat we mijns inziens keer op keer moeten beklemtonen: niemand heeft in deze kwestie de absolute wijsheid in pacht. Maar dat is een lastige boodschap in een tijd waarin iedereen meteen zijn of haar mening gereed heeft. Blijven benadrukken dus!

En dan het breder wordende protest tegen de inhoud van maatregelen. Beperkingen van vrijheden, die duren en duren!  Dat is geen lekkere boodschap!  Mijn ervaring is dat alleen al het gesprek aangaan met opposanten de lucht kan klaren. Zodat ook zij zich gehoord voelen.

En dan komt nog eens het mooie weer eraan: iedereen, zeker de jongeren,  sprinten naar buiten,  met groepsvorming, drankgebruik en vervuiling tot gevolg. Zeker zolang er nog beperkt sport mogelijk is, en er geen evenementen of horeca open zijn.

Voor burgemeesters en wethouders dus geen makkelijke tijd, maar ook zeker niet voor Raadsleden. Want die vragen zich terecht af: wat is onze positie in dit geheel? Hoe dicht moeten wij op de uitvoering/het college gaan zitten? Wil je van raadsleden verwachten dat zij, dat zij geen politiek bedrijven op het onderwerp “corona”,  terwijl zij hier ondertussen hier wel op worden aangesproken.

Vooreerst lijkt mij dat wij als bestuurders rust en kalmte en perspectief moeten uitstralen. Moeten accepteren dat er zich van tijd tot tijd incidenten voordoen. Het is immers een heel bijzondere situatie.  En het perspectief is reëel, nu het nog een kwestie van een paar maanden is. Waarbij het ook goed is om te beseffen, dat de maatregelen, ondanks alle ellende,  naar omstandigheden best goed hebben gewerkt en zijn opgevolgd. Hulde aan alle burgers! En heel veel sterkte voor alle mensen die het moeilijk en zwaar hebben: ondernemers, jongeren, zorgmedewerkers, etc.

Maar samen komen we binnenkort uit de crisis en kunnen we hard aan het herstel voor allen gaan werken.

Participatie

Tjeu Berlijn is raadslid in Medemblik

Een windmolen vlakbij je woonwijk, zonneweide in de buurt of een aanpassing van de verkeerssituatie bij je om de hoek.

Er zijn genoeg momenten dat inwoners de gevolgen van aanpassingen in hun leefomgeving merken. Vaak is dat moment tijdens of na de uitvoering en is meedenken of meepraten, helaas, niet meer mogelijk. Hierdoor kan de inwoner het gevoel krijgen dat hij niet ‘meetelt’.

Gelukkig zien we een positieve ontwikkeling. Inwoners worden meer betrokken voor en tijdens het proces, participatie is helemaal hot. Er worden speciale participatie bijeenkomsten georganiseerd om bewoners te betrekken bij het proces en de pijnpunten weg te nemen. Maar vooraf is het niet voor iedereen even duidelijk wat er met de meningen van de inwoners gebeurd.

De overheid moet naar mijn mening niet zoveel van bovenaf opleggen, maar zoveel mogelijk aansluiting vinden bij wat er in de maatschappij leeft. Het is belangrijk dat de samenleving meedenkt over problemen en oplossingen waar zij direct mee te maken hebben. Ik hoop dat inwoners zich vaker gaan aanmelden en gebruik maken van het recht om hun mening te geven. Dit verkleint de kloof tussen politiek en de samenleving, maar kan ook leidt tot meer begrip en minder verzet.